Infobulletin maart 2025


Van de voorzitter

Beste Anéla-leden,

Als je deze nieuwsbrief leest, dan vliegen de toegepaste taalwetenschap activiteiten, promoties en prijzen je om de oren. Toegepaste taalwetenschappers zijn zeer actief op verschillende hogescholen en universiteiten in België en in Nederland (en verder natuurlijk). Deze nieuwsbrief laat ook zien dat we onze kennis steeds meer toepassen ‘in het veld’. We maken vertaalslagen naar het voortgezet onderwijs (zie proefschrift Joke van Balen), huisartsenposten (zie proefschrift Michelle Spek), consultatieureaus (zie proefschift Robert Prettner), en wetenschapscommunicatie (zie de Taalwetenschapscommunicatiedag). We hebben ook niet voor niets een nieuwe pagina op onze website ingericht waarop we toegankelijke wetenschappelijke bronnen verzamelen over toegepaste taalwetenschap. Zo worden we nog beter vindbaar en zichtbaar voor iedereen die op zoek is naar betrouwbare informatie.

Op 23 mei a.s. zullen we nog veel meer mooie voorbeelden van toepassingen zien tijdens onze jaarlijkse Anéla-VIOT Juniorendag, deze keer in Utrecht. Komt u ook? De algemene ledenvergadering zal dan ook plaatsvinden. Ook kijken we dan vooruit naar onze jaarlijkse Grote Taaldag begin 2026 en de meerdaagse conferentie in 2027. Er is veel interesse in en vraag naar generatieve kunstmatige intelligentie en de invloed daarvan op onderzoek(smethoden) en (schrijf)onderwijs binnen de toegepaste taalwetenschap. Daar gaan we dan ook zeker iets mee doen. Wordt vervolgd.

Fijne lente!

Tessa van Charldorp


Aankondiging ALV

De ALV 2025 zal plaatsvinden op 23 mei aanstaande tijdens de Juniorendag, in Utrecht. We hopen ook vele seniorleden te verwelkomen op de Juniorendag, niet alleen vanwege de ALV, maar natuurlijk ook om te ontdekken welke interessante onderzoeken de junioren presenteren. De ALV zal gepland worden rond de lunch. De stukken voor de ALV zullen, zoals gebruikelijk, voorafgaand aan de ALV verspreid worden.


AWIA Symposium 2025

Op 30 en 31 januari vond in Groningen het 17e tweejaarlijkse symposium plaats van de Anéla Werkgroep Interactie-Analyse (AWIA). Voor deze bijeenkomst van de Nederlandse conversatie-analyse onderzoekers wordt altijd een prominente gast uitgenodigd en dit keer was dat Saul Albert van de Universiteit van Loughborough (VK) die een lezing gaf onder de titel ‘What Conversational AI Can’t Do’ met als centrale stelling: AI kan wel taal generen maar geen interactie. Ook verzorgde Saul Albert een datasessie op basis van het Corpus of Language Discrimination in Interaction (CLDI). Naast de bijdrage van de gast was het symposium een vlootschouw van lopend conversatie-analytisch onderzoek. Het viel op dat veel van dat onderzoek een toegepast karakter heeft en zich richt op maatschappelijke kwesties als de discussie over de wolf in Nederland (Anne Kessels, Hogeschool Utrecht), polarisatie (Jorien de Keijzer, Rijksuniversiteit Groningen), gesprekken over inenting tussen ouders en kraamverpleegsters (Lieve van Hengel, VU Amsterdam), gesprekken in zorg rondom diversiteit in gender en geslacht (Mieke Breukelman, Radboud Universiteit) en een analyse van online discussies over het dragen van religieuze symbolen door ambtsdragers (Guusje Jol, Hogeschool Utrecht). Daarnaast waren er analyses van online counseling sessies (Maartje Roodzant, Radboud Universiteit), het fenomeen van livestreamers die in interactie met hun volgers een internettaalcursus volgen (Marie Rickert, Radboud Universiteit) en het fenomeen in de VS en het VK waar burgers het handelen van politie filmen en daarover door agenten worden aangesproken (Elliott Hoey, VU Amsterdam). Het fundamentele onderzoek werd vertegenwoordigd door onderzoek naar mens-dier interactie (Lynn de Rijk, Radboud Universiteit), vragen die worden behandeld als vormen van kritiek (Lotte van Burgsteden, VU Amsterdam) en de verschillende manieren waarop sprekers kunnen laten zien dat ze een langere beurt gaan produceren (Francesco Possemato, Rijksuniversiteit Groningen). Als organisatoren kijken we terug op een geslaagde twee dagen met veel interactie over interactie. Het volgende AWIA Symposium zal in het najaar van 2026 plaatsvinden in Utrecht.


Winnaar AVT/Anéla-dissertatieprijs

Op vrijdag 31 januari vond in Utrecht de Grote Taaldag plaats. Tijdens het Taalgala werd daar de AVT/Anéla-dissertatieprijs voor het beste taalkundige proefschrift van het afgelopen jaar uitgereikt. Dit jaar werd de dissertatieprijs gewonnen door Gosse Minnema, voor zijn proefschrift over de manier waarop perspectieven op maatschappelijk belangrijke gebeurtenissen worden uitgedrukt in taal.
De AVT/Anéla-dissertatieprijs wordt jaarlijks uitgereikt aan de auteur van het beste taalwetenschappelijke proefschrift dat het afgelopen jaar aan een Nederlandse universiteit is verdedigd. Gosse Minnema (Rijksuniversiteit Groningen) won de prijs voor zijn proefschrift Perspective matters: event framing in language and society. Met behulp van Natural Language Processing (NLP)-methoden onderzocht Minnema hoe maatschappelijk relevante gebeurtenissen worden geframed in krantenartikelen. De jury was onder de indruk van de interdisciplinaire aanpak van dit proefschrift en van Minnema’s boeiende en persoonlijke schrijfstijl: hij slaagt erin complexe concepten toegankelijk te maken, zelfs voor lezers die niet bekend zijn met NLP. Door de verfrissende en originele structuur van het proefschrift wordt de lezer meegetrokken in een meeslepend verhaal van vier jaar promotieonderzoek.


Oproep organisatie Meerdaagse Anéla Conferentie 2027

Na de geslaagde tweedaagse Anéla-conferentie afgelopen juni in Gent, zijn we nu alvast op zoek naar organisatoren voor de volgende meerdaagse conferentie, die gepland staat voor het voorjaar of de zomer van 2027 (precieze data in overleg). Vind je het leuk om met een groepje collega’s en ondersteuning van het Anéla-bestuur de volgende meerdaagse te ontvangen en te organiseren op jouw universiteit of hogeschool, neem dan contact op met het bestuur (via admin@anela.nl of de voorzitter).


Anéla social media

Sinds kort beschikt Anéla over een Instagram account (anela_1972)! De naam komt voort uit het feit dat Anéla in 1972 is opgericht. Voor nu is het nog een lege pagina, maar die gaat zeer binnenkort gevuld worden met promoties, prijzen, symposia, evenementen en andere dingen waar wij ons mee bezighouden. De pagina is dan ook bedoeld om tussendoor meer updates over alle ins- and outs te kunnen geven. We hopen natuurlijk dat jullie ons gaan volgen en dat ook niet-leden ons zo nog beter kunnen vinden. Mochten jullie zelf nog leuke evenementen etcetera hebben, dan kan je die mailen naar admin@anela.nl en dan kijken we of het geplaatst kan worden!


Recente promoties

Op 23 januari 2025 promoveerde Joke van Balen aan de Rijksuniversiteit Groningen op haar proefschrift getiteld Making room for subjectification during classroom discussions: A Conversation Analytic study of interactional practices in the Dutch language classroom.
In dit proefschrift wordt in klassendiscussies bestudeerd hoe leraren Nederlands in het voortgezet onderwijs ruimte maken voor subjectificatie, een van de drie doeldomeinen in het onderwijs. Subjectificatie, in Nederland ook persoonsvorming genoemd, gaat over de emancipatie en vrijheid van de leerling en de verantwoordelijkheid die daarmee samengaat. Een manier om leerlingen hiermee in aanraking te brengen is door het voeren van gelijkwaardige dialogen waarin de deelnemers zich als uniek, zelfstandig mens kunnen tonen en waarin ontmoetingen plaats kunnen vinden.
Door het toepassen van Conversatie Analyse (CA) als onderzoeksmethode wordt in vier deelstudies inzichtelijk dat vragen naar meningen en ervaringen leerlingen de mogelijkheid geeft om zich als subjecten te uiten en dat de reactie van de leraar, na het uitspreken van een mening of ervaring, bepalend blijkt voor het al dan niet ontstaan van een dialoog. Ook wordt duidelijk dat momenten waarop leerlingen ongevraagd de beurt nemen leiden tot dialogische interactie. De resultaten in dit proefschrift laten zien dat leerlingen tijdens het voeren van deze dialogische interactie voornamelijk meningen geven en dat deze meningen nieuwe meningen uitlokken. Het wordt duidelijk dat leerlingen veelal vasthouden aan hun eigen perspectieven en uit zichzelf weinig vragen stellen aan anderen. Dit betekent dat als je als leraar aan subjectificatie wil werken je leerlingen expliciet dient aan te moedigen om oog te krijgen voor de ander en het andere.
Dit proefschrift levert daarmee zowel fundamentele kennis op rondom het stimuleren van dialogische interactie als praktijkgerichte inzichten voor leraren die door het voeren van klassendiscussies aandacht willen besteden aan subjectificatie.
Joke van Balen werkt als lerarenopleider Nederlands en als onderzoeker bij het lectoraat Didactiek voor vak en beroep binnen de Academie Educatie van de NHLStenden Hogeschool.
Het gehele proefschrift is hier te vinden.

Op 4 februari 2025 promoveerde Michelle Spek aan de Universiteit Utrecht op haar proefschrift getiteld Telephone triage of shortness of breath.
Kortademigheid is een veelvoorkomende reden om contact op te nemen met de huisartsenpost. Triagisten bepalen dan, aan de hand van de Nederlandse Triage Standaard (NTS), hoe snel en welke hulp nodig is. Uit ons onderzoek blijkt dat de huidige triage van patiënten met kortademigheid niet altijd veilig of efficiënt is. Bijna de helft van de patiënten met een mogelijk levensbedreigende aandoening krijgt een te lage urgentie. Tegelijkertijd wordt bij ongeveer 40% van de patiënten zonder ernstige aandoening een te hoge urgentie toegewezen.
We ontwikkelden daarom een nieuw voorspellingsmodel dat het triageproces van patiënten met kortademigheid kan verbeteren. Dit model gebruikt twee patiëntkenmerken (leeftijd en geslacht), twee kenmerken van het telefoongesprek (of er ’s nachts gebeld wordt en of iemand anders namens de patiënt belt) en vier symptomen (hoesten, koorts, moeite met volzinnen spreken en ‘piepen’). Met dit model kan het NTS-algoritme worden aangepast voor kortademigheid zodat het veiliger en efficiënter wordt.
Daarnaast onderzochten wij middels conversatieanalyse hoe bezorgdheid van patiënten het verloop van het triagegesprek beïnvloedt. Bellers uiten vaak hun bezorgdheid door het versnellen van hun spreeksnelheid na het beantwoorden van een vraag om uitingen van bezorgdheid toe te voegen en brengen dit vaak aarzelend omdat zij onverwacht van onderwerp veranderen. Interactionele problemen ontstaan in deze gesprekken indien niet adequaat wordt omgegaan met zorgen, of tijdens de overgang naar de adviesfase als een patiënt enkel telefonisch advies krijgt. De meest efficiënte reactie op zorgen lijkt te zijn wanneer de triagist eerst de zorgen van de beller kort exploreert en vervolgens terugkeert naar de hoofdlijn van het consult door de volgende stappen in het triageproces te schetsen. Deze aanpak zorgt ervoor dat bellers het gevoel hebben dat hun zorgen zijn gehoord en dat zij begrijpen wat de volgende stappen zijn in het triage gesprek, waardoor voorkomen wordt dat ze blijven hangen in hun zorgen. We raden triagisten daarnaast aan om de hulpvraag te stellen bij de overgang van een triagegesprek naar een adviesgesprek om de doelen van bellers en triagisten beter op elkaar af te stemmen. Het antwoord op deze hulpvraag kan helpen om rekening te houden met het perspectief van de beller wat behulpzaam kan zijn bij het uitleggen waarom een afspraak misschien niet nodig is of om geruststelling te bieden.
Tot slot voerden we een meta-aggregatieve review uit naar de rol van taal bij triage op afstand in de gezondheidszorg. Relevante informatie werd geselecteerd door een combinatie van inductief en deductief coderen, waarbij we focusten op zes linguïstische aspecten van conversatie analytisch onderzoek: (i) organisatie van de beurt, (ii) algemene structuur, (iii) organisatie van de volgorde, (iv) ontwerp van de beurt, (v) woordkeuze, en (vi) epistemologische en andere vormen van asymmetrie. Uit onze analyse kwamen twee belangrijke bevindingen naar voren. Ten eerste zijn alle linguïstische aspecten die in de literatuur beschreven worden aanwezig in triage gesprekken, wat illustreert dat taal meer omvat dan alleen de letterlijke inhoud. Hoe en wanneer een vraag wordt gesteld is bijvoorbeeld net zo belangrijk als wat er wordt gevraagd. Dit perspectief erkent de interactionele aard van taal, waarbij zowel de zorg professionals als de bellers de gesprekskwaliteit vormgeven. Ten tweede, geautomatiseerde beslissingsondersteunende systemen die gebruikt worden in triagegesprekken beïnvloeden het verloop en de dynamiek van het gesprek aanzienlijk: (i) het structureert in grote mate het triagegesprek, (ii) bellers zijn zich er meestal niet van bewust wat epistemologische verschillen veroorzaakt, (iii) het kan problemen veroorzaken met de organisatie van de volgorde wanneer bellers onderwerpen bespreken die buiten het systeem vallen, en (iv) het bepaalt hoe de beurt wordt vormgegeven. De focus van zorgprofessionals op het computersysteem kan ervoor zorgen dat het sequentiële karakter van triage gesprekken over het hoofd wordt gezien, wat leidt tot interactionele problemen die mogelijk de triage nauwkeurigheid in gevaar brengen. De uitgesproken invloed van het geautomatiseerde beslissingsondersteunende systeem op diverse linguïstische aspecten benadrukt de behoefte aan flexibiliteit in het systeem om de gesprekskwaliteit te verbeteren en tegemoet te komen aan de behoeften van de beller in plaats van de huidige focus op het strikt volgen van gestandaardiseerde vragen.

Op 14 februari 2025 verdedigde Florentine Sterk aan de Universiteit Utrecht  haar proefschrift getiteld Style and Substance: Popularization Writing Skills for Interdisciplinary Higher Education Students.
In dit proefschrift onderzocht Sterk hoe studenten van interdisciplinaire opleidingen kunnen leren schrijven over hun eigen onderzoek voor een breed publiek.
Stel je voor: je bent student en samen met je groepsgenootjes van andere studierichtingen voer je interdisciplinair onderzoek uit dat maatschappelijk relevant is. Dan wil je je interessante bevindingen onder zo veel mogelijk mensen verspreiden, toch?
Sterk ervaarde een hiaat in de universitaire onderwijspraktijk. Het viel haar op dat er vooral aandacht werd besteed aan academische vaardigheden, en amper aan populairwetenschappelijke schrijfvaardigheid (een vorm van wetenschapscommunicatie). Studenten leren niet om teksten voor een breed publiek te schrijven, terwijl er in het werkveld, zowel binnen als buiten de academische wereld, wél vraag is naar die vaardigheid.
Sterk nam daarom de populairwetenschappelijke schrijfvaardigheid van interdisciplinaire studenten onder de loep. Ze onderzocht hoe deze studenten schrijven over wetenschap, welke vaardigheden ze daarvoor aan het begin en einde van hun opleiding kunnen inzetten, en hoe de studenten zich voelen over hun eigen schrijfvaardigheid na het volgen van schrijfonderwijs.
Ter ondersteuning van dit onderzoek ontwikkelde Sterk een analysetool en twee beoordelingsformulieren voor populairwetenschappelijke teksten. De kern van effectief onderwijs, blijkt uit het onderzoek van Sterk, is te vinden in een combinatie van kennisontwikkeling over het genre van wetenschapscommunicatie en het creëren van mogelijkheden voor het oefenen en beoordelen van schrijven.
Het gehele proefschrift is hier te vinden.

Op 18 maart 2025 promoveerde Robert Prettner aan de Vrije Univesiteit Amsterdam op zijn proefschrift getiteld Shots at Stake: Facilitating Interactions between Professionals and Parents about Childhood Vaccination.
Tijdens gesprekken op het reguliere consultatiebureau delen ouders nauwelijks hun vragen of zorgen over vaccinatie, ook niet wanneer zorgverleners erom vragen, blijkt uit onderzoek van taal- en communicatiewetenschapper Robert Prettner.
“De gesprekken zijn erop gericht om snel de vaccinatiebereidheid van ouders te achterhalen en bieden weinig ruimte voor een diepgaand gesprek. Zelfs open vragen, zoals: “Hoe staan jullie tegenover vaccinaties?” worden door ouders meestal opgevat als een verzoek om een keuze te maken: wél of niet vaccineren. Ouders kunnen dan vaak niet meer hun vragen stellen of twijfels uiten.” Een door Prettner en zijn team ontwikkelde communicatietraining voor zorgverleners moet hierin verandering brengen.
Het vertrouwen in het rijksvaccinatieprogramma, positieve opvattingen over kindervaccinatie en de vaccinatiegraad laten een dalende trend zien. Prettner constateert dat dit thema de samenleving bezighoudt. “Het raakt mensen diep. Het gaat over vertrouwen, gezondheid, keuzevrijheid en ouderschap. Dit maakt het een voortdurende bron van polarisatie. Tussen zorgprofessionals en burgers, maar ook tussen vrienden of familieleden.”
Prettner ziet dan ook een belangrijke rol weggelegd voor consultatiebureaus. “Gesprekken op het consultatiebureau zijn cruciaal om een vertrouwensbasis met zorgverleners op te bouwen en te onderhouden. Het is een unieke kans om ouders goede informatie te bieden en zorgen of vragen te bespreken.” Dat ouders hun zorgen en vragen over vaccinaties op het reguliere consultatiebureau niet delen betekent volgens Prettner niet dat die behoefte er niet is: ”Dat blijkt onder andere uit gesprekken die op antroposofische consultatiebureaus gevoerd worden.”
Tijdens het onderzoek analyseerde Prettner 90 video-opnames van gesprekken op het consultatiebureau. “Door échte gesprekken te analyseren, kan op nauwkeurige wijze worden achterhaald of, hoe en wanneer gesprekstechnieken een bepaald doel bereiken. Je kunt hierbij denken aan het verstrekken van informatie, het uitlokken van vragen, of het weerleggen van misinformatie. Het bleek dat veel gesprekstechnieken ouders bijna geen ruimte gaven hun zorgen over vaccinaties te delen of hierover vragen te stellen. Vaak zonder dat de vragenstellers hier erg in hadden.”
Prettner: “Deze bevindingen hebben we vertaald naar een communicatietraining voor zorgverleners die gesprekken over vaccineren met ouders voeren. Gesprekken waar ruimte is voor informatie, vragen en twijfels. In de nabije toekomst zal worden onderzocht in hoeverre deze communicatietraining daadwerkelijk de vaccinatiebereidheid en het vertrouwen in de zorgverlener kunnen verhogen.”
Het gehele proefschrift is hier te vinden.


Survey AILA

Dear members of AILA-Europe Affiliates,
We invite you to participate in this survey, which is a follow-up to a previous study aimed at measuring changes in the profiles of members of AILA-Europe affiliates. Your participation is vital in helping us gather up-to-date information on the current Applied Linguistics landscape. The survey will take approximately 10 minutes to complete.
Please note that the survey complies with GDPR regulations. All data collected is anonymous and will be stored securely on the University of Lorraine (France) server using the Limesurvey platform. The data will be kept for 10 years and may be used for scientific publication.
Your response is crucial to ensure the success of this project, and we greatly appreciate your time and input.

📢 📢 Link: https://enquetes.univ-lorraine.fr/index.php/689722?lang=en
If you have any questions, feel free to contact: gregory.miras@univ-lorraine.fr
Thank you for your participation!


Taalwetenschapscommunicatie-dag

Op 9 mei 2025 is het tijd voor de derde Taalwetenschapscommunicatie-dag! In deze tijden lijkt wetenschapscommunicatie belangrijker dan ooit en we hopen dan ook dat jullie opnieuw in grote getale naar Utrecht komen.
Het thema van de middag is kunstuitingen als vorm van taalwetenschapscommunicatie. In twee korte, interactieve workshops vertellen Sjors & Ruud hoe je met behulp van theatertechnieken (houding, stem, focus, beweging etc.) effectief en helder een verhaal kan overbrengen.
Daarnaast leren we van Adelijn van Huis van VTS Nederland hoe je door middel van visual thinking strategies zonder oordeel kan waarnemen, luisteren en onderzoeken.

Programma en locatie
Het officiële programma is van 13:15 uur tot 16:15 uur en vindt plaats bij het Janskerkhof 2-3 (ruimtes 21 & 22) in Utrecht. Voorafgaand (v.a. 12:00 uur) kun je mee lunchen met de organisatie (locatie volgt) en na afloop drinken we een borrel (locatie volgt).

12:00                   organisatie luncht. Anderen kunnen aansluiten als ze willen (locatie volgt)
13:15-13:30        welkom
13:30-14:30        workshop 1 en 2
14:30-15:15        netwerken, kennisuitwisseling, en pauze
15:15-16:15        workshop 1 en 2
16:15-16:30        afsluiting
16:15                     borrel (locatie volgt)

Aanmelden
De taalwetenschapscommunicatiedag is gratis, maar we vinden het wel fijn om te weten of je komt.
Aanmelden kan tot en met vrijdag 30 april, via dit formulier: ​​https://forms.office.com/e/9UN9rG7G8r

Wij hopen jullie allemaal op 9 mei te zien in Utrecht.
Groeten, De TaalWC
Marieke van den Akker, Imme Lammertink, Sterre Leufkens, Sarah der Nederlanden & Sharon Unsworth
Voor vragen kun je contact opnemen met imme.lammertink@ru.nl


Symposium Francqui-leerstoel Brussel

Collega’s van de Vrije Universiteit Brussel, de Universiteit Gent en de Université de Namur organiseren op vrijdag 6 juni 2025 een symposium van één dag, ter gelegenheid van de Internationale Francqui-leerstoel voor prof. dr. Jean-Marc Dewaele. Het symposium vindt plaats in Brussel en het thema is: Research on Foreign Language Learner and Teacher Emotions in Applied Linguistics. Aanmelden kan tot 30 mei 2025 via deze link. Locatie: Paleis der Academiën, Hertogsstraat 1 – 1000 Brussel (dicht bij het Centraal Station).